Yelli

Yelli

“Yung Internet gaat van drie hobbyisten richting een professioneel bedrijf”

Sergio Hasselbaink, oftewel Yelli van hiphop formatie Yung Internet, is bekend als acteur, maar is van meer markten thuis: van danser tot theatermaker, en tegenwoordig ook muzikant — waar hij zich nu vol op stort. Zijn thuisbasis is Chicago Social Club (De Soos), maar intussen houdt hij zijn ogen op voor wat Amsterdam nog meer te bieden heeft. “Ik mis weleens de openheid van de bezoeker om buiten hun patroon te stappen.”

Wat is de status van Yung Internet?

“We zijn nu 2,5 jaar bezig. Dat klinkt lang, maar het is eigenlijk super kort. We hebben net getekend bij Sony, echt een major major label. We hebben nu te maken met budgetten en deadlines, dat is wel wat minder. Maar verder is het beter geworden. Yung Internet gaat van van drie hobbyisten steeds meer richting een professioneel bedrijf.”

En er is net een nieuw album uit.
“Klopt, we hebben net een album via Sony uitgebracht, Dixieland. Van de single Van Mijn Leven Niet hebben we ook een video gemaakt. Onze hele festivalseizoen zitten we volgeboekt, dat is te danken aan die video. Met bevrijdingsdag staan we op Amsterdams Verbond en Vrijland Festival, en misschien nog een of twee andere optredens in het land.”

De helikopter voor 5 mei is al geboekt?
Lacht: “Helaas niet, was dat maar waar! Sinds Dio dat heeft gedaan is het mijn doel om met Bevrijdingsdag in die helikopter te stappen. En als dat niet lukt, gaan we wel met een helikopter van club naar club. Doen we dat gewoon!”

Op Instagram noemde je de Soos de Temple of Life.

”Ja, het ís mijn temple of life. Ik kom er al bijna zes jaar, sinds de opening. In het begin waren er vooral veel grote namen die daar optraden. Vic Crezée plaatste van die avonden foto’s op zijn social media en dat vond ik bijna intimiderend. Ik dacht, dat is zo’n clubje waar je niet tussen komt. Maar op een gegeven moment leer je toch wat mensen kennen en sta je daar opeens. En in tegenstelling tot veel andere clubs in de stad, heerst er in de Soos een open en gezellige sfeer. Er komen heel veel bekenden, de club is natuurlijk erg centraal gelegen. De Soos heeft het totaalpakket van het personeel, de aankleding en de programmering wat zorgt voor die sfeer.”

In welke clubs kom je nog meer?
“Ik kom vaak in de Kopstootbar, maar dan vooral in de rookruimte. In de NYX ben ik vaak, en ook steeds vaker in Claire. Shoutout naar Shamiro en alle lieve mensen die daar werken!”

Wat vind je van de staat van het Amsterdamse uitgaansleven?
“Er is heel veel te doen. Er zijn veel toffe dingen die al een tijdje bestaan, maar waar ik nog niet ben geweest zoals Shelter. Er zijn zoveel unieke concepten waar je niet aan toekomt, juist omdat er zoveel andere toffe dingen zijn. Die sneeuwen onder, of krijgen te weinig aandacht waardoor het redelijk obscuur blijft. Er zijn mensen die een vast patroon hebben in de binnenstad, die worden niet getriggerd om ergens anders heen te gaan. Als meer mensen verder zouden kijken dan hun neus lang is, zullen zij meer vette dingen ontdekken.”

Wat mis je in het Amsterdamse uitgaansleven?
“Gratis drank! Haha, nee, dit is Amsterdam: we hebben alles al! We zijn open minded, we hebben een groot aanbod in muziek, er zijn toffe en rare dingen waar je heen kunt gaan op de meest rare locaties. Alleen sommige mensen houden zo vast aan wat ze kennen. Ik mis weleens de openheid van de bezoeker om buiten hun patroon te stappen.”

In welke club zou je met Yung Internet nog willen optreden?

“In De School en in Shelter! Ik hoor dat er zoveel rare dingen gebeuren daar. We hebben in Trouw weleens een optreden gegeven. Het was een onofficieel optreden in de rookruimte waar een dj booth stond. We hadden een USB stick mee en er waren microfoons, dus toen hebben het gewoon gedaan. Toen ik laatst in De School was dacht ik: dat wil ik hier ook doen!”

Nacht voor de Nacht 25 februari 2017 social clubsLees hier het artikel over Chicago Social Club.

foto door Raymond van Mil


The School of House

The School of House

toekomstige smaakmakers

Tijdens Nacht voor de Nacht of 25 februari organiseren studenten van ROC Zuid en The School of House (TSOH) in Elementenstraat hun afstudeerproject Overlast. Van de marketing tot aan de boekingen, alles deden ze zelf. We spraken TSOH-oprichter Jan Maarten Hartong en studenten Opal Abohadana (18), Bette Eisden (19) en Chanice Calmão Baptista (19).

Wat houdt jullie studie precies in en hoe zijn jullie er terecht gekomen?
Eisden: “Het is een specialisatiejaar gericht op de dance, wat TSOH dit jaar samen met het ROC heeft opgezet. Wij zijn drie jaar geleden begonnen met onze opleiding Eventmanagement en Communicatie bij het ROC. We zitten nu in ons laatste jaar en zijn benaderd of we ook interesse hadden om TSOH erbij te doen.
Baptista: “Je moet het zien als een alternatief examenjaar wat meer gericht is op de dance. We krijgen veel meer informatie over hoe het écht is om in de dancescene te werken en we leren ook van mensen uit het werkveld.”

Kun je het specialisatie jaar zomaar volgen?
Abohadana: “We moesten er wel voor solliciteren.”
Hartong vult aan: “Het is meer een motivatieprocedure. We hebben gekeken naar wat voor beroepen de studenten willen gaan uitoefenen, waar willen ze naartoe groeien. Daar hebben we ook de lesstof en de stages meer op ingericht. Je wordt als het ware opgeleid voor een junior assistent in de marketing, evenementenorganisatie.”

Met welke intentie ben je begonnen bij TSOH?
Eisden: “Ik vond dat we op ’t ROC niet genoeg in de praktijk over events leerden, het was voornamelijk op papier. Ik had niet het gevoel dat ik genoeg leerde, maar ik vond de evenementenwereld wel heel interessant. Toen TSOH op mijn pad kwam dacht ik: nu weet ik zeker dat ik wat leer. Ik vind de creatieve kant heel erg leuk; het bedenken van concepten, creatief bezig zijn.”
Abohadana: “Ik had wel een beetje hetzelfde. Ik zag dit echt als een kans om in de praktijk bezig te zijn. Ik heb me tijdens het traject echt mezelf gevonden in wat ik nou echt wil.”

Jullie gaan als afstuudeeropdracht het zelfbedachte evenement Overlast organiseren, vertel.
Eisden: “We hebben eerste klassikaal een concept bedacht, dat duurde ongeveer vier weken en daarna hebben we bedacht dat huisfeesten nu best populair zijn onder jongeren. Toen dachten we: wij hebben de warehouse tot onze beschikking dus waarom niet het grootste huisfeestje van de stad organiseren? We waren het er allemaal over eens dat dit een tof concept was.”
Baptista: “Alle concepten die we van te voren hadden bedacht, daar is dit concept uit voortgekomen. Uiteindelijk zijn alle puzzelstukje in elkaar gevallen.
Jan-Maarten: “Het is concept is super tof, maar ook een enorme klus omdat het een gigantische locatie is. Maar het is een goede leerschool.”

Met z’n twintigen een concept bedenken? Dat lijkt me best pittig.
Eisden: “Het was ook super lastig, want iedereen had andere stijlen die ze leuk vonden, house, techno, afrobeat, hardstyle. Toen hebben we uiteindelijk voor een middenweg gekozen, eclectic, met daar omheen wel wat uitstapjes die er volgens ook horen te zijn: drum&bass en house. Het concept bedenken was niet echt volgens plan gelopen.”
Hartong: “Ja, jullie zijn eigenlijk een nieuw merk gestart en een nieuw merk op de markt brengen is zeker voor zo’n grote locatie, moeilijk, gevaarlijk en spannend.”
Baptista: “Klopt, daarom hebben we inderdaad gekozen voor eclectisch in de grote zaal, wat een grote doelgroep aanspreekt, maar je kunt er ook vele kanten mee op. Zo kunnen we een live-act boeken. Als je een nieuw feest bent en mensen trekt die elkaar nog nooit hebben gezien, dan kan een live optreden de boel bij elkaar rapen en voor goede energie zorgen. Daarom hebben we DIO geboekt.”

Waarom moeten mensen naar Overlast komen?
Abohadana : “Omdat er nog nooit een warehouse is omgetoverd tot een groot huis! Als je dit mist heb je het voorgoed gemist en heb je waarschijnlijk spijt dat je niet bent gegaan.”

nacht voor de nacht elementenstraatTijdens Nacht voor de Nacht is de afstudeeropdracht Overlast in Elementenstraat.
Lees hier het artikel over Elementenstraat.


Shamiro

Shamiro

preacher van de nacht

Shamiro van der Geld is televisiepresentator geweest, heeft radio en theaterwerk gedaan en heeft internationaal gedanst voor Adidas en Nike. Tegenwoordig houdt hij zich bezig met het schrijven van zijn eigen muziek, MC-en en organiseert hij met Nick ’t Riet (De Marktkantine) LAPA in Claire. Een indrukkend CV voor iemand die nog maar 31 jaar is. We besloten met deze creatieve duidendpoot een kop koffie te drinken. Een gesprek over werelden bij elkaar brengen, preachen, en dat diversiteit de nieuwe kwaliteit in muziek is.

Wanneer dacht je: ik kan met mijn stem bijdragen aan het nachtleven.
“Ik schreef veel poëzie en was veel met spoken word performances bezig. Tijdens een tunnelrave van mijn vrienden bij Vage Gasten kwam ik in aanraking met dubstep. Die muziek had mij meteen te pakken, it made sense. Daar zag ik iemand op MC’en. Ik vond dat zo tof, dat ik daar ook mijn steentje aan wilde bijdragen. MC-en leek mij de manier. Sommigen beginnen ermee omdat ze aandacht willen, maar dat is niet mijn drijfveer. Ik ga voor het gevoel en dat gevoel delen. Ik geniet het meest als ik zie dat ik mensen bij elkaar heb gebracht. Misschien inspireert dat anderen en kan ik zo iets doorgegeven.”

Hoe zou jij je muzieksmaak omschrijven? Je lijkt in meerdere ‘scenes’ actief.
“Ik zit zowel in de urban als de elektronische hoek. Ik heb lang Vunzige Deuntjes gedaan, maar mijn eigen muzikale behoefte ging verder waardoor ik meer elektronische muziek ben gaan luisteren. Maar elektronische muziek is in Europa voornamelijk een blanke belevenis — pilletjes, zes bier, gezelligheid. De rave cultuur is zelf iets waar ik heel erg van geniet binnen de techno scene, deze no nonsense benadering zou ik meer willen terugzien dan het gezellig ‘luxe’ uitgaan. Daarnaast denk ik dat het uitgaanspubliek in het algemeen wel wat diverser mag zijn, zelfs op feesten waar muziek met Afrikaanse invloeden wordt gedraaid is vaak niet eens de helft gekleurd.”

Hoe komt dat volgens jou?
“Op het moment dat je zo’n feest organiseert, afro avonden, moet je ook de mensen voor wie de muziek onderdeel van hun roots is erbij betrekken. Ik zie net iets te vaak dat afro avonden op een carnaval-achtige manier worden gepromoot.”

Hoe bedoel je dat?
“Ik denk dat de tone of voice van dit soort evenementen vaak op blanken gericht is. In Nederland worden feesten vaak op een ‘gezelligheids-manier’ gepromoot, waardoor de essentie of de roots van de muziek van ondergeschikt belang lijkt. Het wordt vaak neergezet als een gezellige avond en dat het leuk is onder het genot van een biertje. Ik denk dat er veel mensen zijn die hierdoor niet het gevoel hebben dat dit soort avonden ook voor hun zijn.”

Komt dat omdat die avonden vaak door blanken mensen worden georganiseerd?
“Ja, maar ik neem niemand iets kwalijk. Ik denk dat het voor hun meer een blinde vlek is. Ze proberen hartstikke goed iets neer te zetten en ze staan ook achter die muziek en vinden het tof, maar ze weten niet hoe ze ook de donkere mensen kunnen bereiken. Er zijn wel afro feesten waar wel veel donkere mensen op afkomen, zoals AfroLosjes in AIR. Het is jammer dat het qua publiek heel ver af staat van soortgelijk feesten in de Marktkantine of Elementenstraat.”

Er is volgens jou niets wat er op dat snijvlak gebeurd?
“Weinig. Ik zou het tof vinden als die partijen elkaar meer zouden opzoeken.”

Is dat ook je plan met LAPA?
“Zeker. Ik ben zelf een open persoon en beperk me niet tot een bepaalde hoek. Aan de ene kant ben ik bezig met Vunzige Deuntjes, maar zelf hou ik ook van techno en ga ik ook vaak naar De School. Dat zijn twee werelden die normaal gesproken niet zo makkelijk mengen. Het is voor mij geen probleem om daartussen te schommelen. Ik vind het tof om jongens die ik ken uit de elektronisch hoek zoals Max Abysmal en Moody Mehran tijdens LAPA naast een Lion Kojo of een Carista te zetten, die juist meer bekend zijn in de urban scene. Het publiek van die twee werelden, om het zo maar even te noemen, kennen elkaar helemaal niet. Ik wil ze bij elkaar brengen.”

Je zegt: in Nederland draait het vaak om gezelligheid. Wat moet volgens jou zo’n avond dan zijn?
“Ik hou heel erg van muziek. Ik ga bijna elk weekend uit, om vrienden en leuke mensen te zien en ook om de gezelligheid. Maar ik ga voornamelijk uit om bepaalde emoties los te laten, om uit een bepaalde sleur of denkpatroon te treden. Ik denk dat uitgaan en een club behalve gezelligheid ook een plek is waar je jezelf kunt verliezen. Waar je kunt dansen, nadenken en leiden door de muziek. Maar ook voor het ontmoeten van nieuwe mensen en het verleggen van grenzen.”

Probeer je als MC ook zo’n setting te creëren?
“Ja, met mijn woorden wil ik het publiek in een soort euforische en saamhorige sfeer te trekken. Bij elektronische muziek probeer ik een poort te openen, zo van: dit is geestelijke vrijheid, expand your vision op zoveel mogelijke manieren. Dat kan aan de hand van spoken word, poëzie, scat en beatboxing. Als MC heb ik de mogelijkheid om tot mensen te spreken en hun bewust te maken van de kracht van de muziek en dat het heel mooi is dat je mag genieten.”

De meerwaarde van MC wordt niet altijd erkend, heb je veel te maken met vooroordelen?
“Veel mensen zien de meerwaarde van een MC niet, totdat ze een goede MC ervaren. Een MC moet ook zijn plek kennen: het is eerst de muziek, dan het publiek, dan de dj. Ik sta niet op het podium om een artiest te zien, om mijn shine te pakken. Ik sta in dienst van de organisatie en de muziek, om het woord te brengen.”

Hoe ben je met LAPA bij Claire terecht gekomen?
“Via Bloemenbar en Disco Dolly raakte ik betrokken bij de familie achter die zaken en Claire. Die jongens zijn mijn Whatsappgroepen, mijn vrienden. Toen Claire openging hebben zij mij ook gevraagd.  Ik had het niet zozeer verwacht, maar ze wilden het graag met mij doen. Nog steeds ben ik ze hartstikke dankbaar.”

Ik doe bij LAPA de programmering en probeer toffe dingen neer te zetten; zowel livemuziek, als expo’s en korte films. Het moet het Amsterdamse clubhuis worden voor alle individuen, maar ook voor crews — om het zo maar even te zeggen. Een plek waar iedereen naartoe kan komen, welkom is en de mogelijkheid heeft om zijn ding uit te dragen. Hetzelfde wat Studio 80 (club die voor Claire in het pand huisde red.) ook heeft gedaan.”

Wat is mooiste wat je als MC hebt meegemaakt?
“Afgelopen jaar heb ik bij By The Creek (festival in Utrecht red.) Floorplan gehost. Daarin zit ook Robbert Hood, een spirituele man die ook heel diep in de techno zit. Ik ben religieus opgevoed en ik mocht op zijn set mijn preaching doen. Zijn muziek, mijn woorden — hoe daar op gereageerd werd… het was een van de mooiste dingen die ik ooit heb mogen doen.”

Lees hier het artikel over Claire.

foto door Texas Schiffmacher


Ilja Multigroove

Ilja Multigroove

“Voor of na de Elementstraat is voor dance hetzelfde als voor of na Christus”

Ilja (zijn achternaam houdt hij liever privé) is de eigenaar van Multigroove: één van de eerste organisaties die 26 jaar geleden illegale feesten gaf. In fietstunnels, opengebroken loodsen en in de Elementstraat. Samen met vrienden dokterden ze plannen uit om de politie voor te zijn en het publiek naar de muziek te leiden. Inmiddels organiseert de doorgewinterde raver Multigroove in de Westerunie en het enige nachtfestival van Nederland, in de bossen van Apeldoorn. Zijn band met de Westerunie is nauw. De industriële infrastructuur en de geur doen hem denken aan zijn krakerperiode.

Hoe gaat het in de aanloop naar zaterdag?
“Aanstaande weekend organiseren we Multigroove in de Westerunie. De hele productie tot aan het evenement duurt maanden. Als het dan ineens bijna zo ver is, blijft voor mij altijd nog steeds zo’n apart gevoel. Zelfs na 25 jaar voel ik nog adrenaline en vind ik het spannend.  Alles waar we met het team zo lang naartoe hebben gewerkt komt dan samen. Ik ben een perfectionist, en ook best een chaoot en das niet de beste eigenschap voor een organisator. Ik heb oprecht respect en waardering voor het team en de mensen om mij heen. Soms ben ik een onmogelijk figuur. Maar de passie voor de muziek en het feest is er nog steeds.”

Voor de jonkies, wat is Multigroove?
“Multigroove is een van de eerste rave organisaties. Wij gaven feesten in de fietstunnel onder de A10, in de buurt van de Bijlmerbajes en de Shell op de NDSM. Het werd steeds meer een kat- en muisspel met de politie. Ze lasten onze deuren dicht, namen onze toiletten in beslag. Toen kregen we een gastlocatie: de Elementstraat in het Westelijk havengebied. We gaven er 61 illegale feesten. Het eindigde met een inval van de politie en wij moesten 25 dagen de cel in. Daar, op de Elementstraat, daar is hardcore, rave en oldstijl geboren. Voor of na de Elementstraat is voor dance hetzelfde als voor of na Christus.”

Hoe is het ontstaan?
” Toen ik net zestien was ben ik van een internaat weggelopen. Een woning krijgen was lastig, dus dan ga je kraken. Dan leer je de stad wel goed kennen, ken ik je vertellen. In 1988 kwam ik via mijn werk op house feestjes terecht. Ik werkte in een coffeeshop met wat vrienden en wij gingen altijd naar de illegale house party’s. Er was nog geen Facebook, dus je wist het van elkaar of van rondslingerende foldertjes. Tijdens die feesten dachten wij; dit kunnen we beter. Als Amsterdamse straatjongen wist ik wanneer welk gebouw leegstond of gesloopt zou worden. Als maandag de sloop er in zou gaan, gaven wij zaterdag een feest.”

Dat klinkt als een heel bruisend leven. Vind je het nu niet saai dat alles achter de rug is?
“Ik moet zeggen dat ik het een andere romantiek vind. Het was vroeger echt wij tegen het systeem. Als je jong bent is dat heel spannend en erg leuk. Je bent onbevangen en hebt geen planning. Nu organiseer ik o.a. Ground Zero in Apeldoorn, waar 15.000 tot 20.000 man op afkomt. Een stad op zich. Dat is anders, maar daar krijg ik nog steeds enorme voldoening uit. De business is wel harder geworden, dat vind ik jammer. Vroeger hielp je ook een andere organisatie als dat kon. Nu is het vooral ellebogenwerk. Ieder voor zich.”

Is er tegenwoordig zoveel concurrentie?
“Grote partijen proberen de markt te beheersen. Door andere organisaties er niet tussen laten, locaties exclusief voor zichzelf houden en dj’s boeken onder voorwaarde dat ze niet op een ander festival staan. Ik zit in de underdog positie, waar ik me lekker in voel. Het houdt me creatief en eigenwijs. Wij ontdekken veel nieuwe talenten. Zoals bijvoorbeeld de hardcore artiest Partyraiser, inmiddels uitgegroeid tot de hardcore dj van dit moment. Die is bij Multigroove doorgebroken. Maar ook Pavo en hardcore-icoon Dano waren onderdeel van Multigroove.”

Wat is jouw relatie tot de Westerunie?
“Die club heeft de uitstraling van een loods die ik vroeger wel eens kraakte op de Oostelijke Handelskade in Amsterdam. Nu staan daar allemaal hele mooie woningen, vroeger wilde je daar niet dood gevonden worden. Cacaoloodsen, dikke muren en grote stalen balken met haken eraan, een treinspoor ernaast, prostituees, condooms en naalden op de grond. De Westerunie is het oude energiebedrijf van de gemeente, dat zie je er aan alle kanten vanaf. Stevige muren, ijzeren balken. Een echt underground gevoel. Ze hebben een onwijs goed geluidssysteem, meerdere zalen en een kampvuur op het terras. Dat past bij Multigroove.”

Eind dit jaar verschijnt er een boek over Multigroove. Geschreven door Arne van Terphoven van uitgeverij Mary Go Wild

Tijdens Nacht voor de Nacht draait Wendel Sield in RADION.
Lees hier het artikel over RADION.

foto door Raymond van Mil


Miss Melera

Miss Melera

Ongekroond koningin van de melodieuze techhouse

Kim de Lange beter bekend als Miss Melera verdiend uiteraard een plekje in onze serie De Scene. Met haar Colourizon podcast is ze wereldwijd te horen op verschillende radiozenders en sinds vorig jaar ook in De Marktkantine, waar ze haar eigen avond heeft. Daarnaast is er een nieuwe release op komst. We zijn benieuwd wat er nog meer aan de horizon gloort en besloten met De Lange een biertje te drinken.

Je hebt je eigen avond bij Marktkantine, Colourizon, hoe is dat zo gekomen?
“In 2015 deed ik daar een all-nighter. Dat was een hele toffe avond en na afloop hebben ze me gevraagd of ik als resident mijn eigen avond wilde doen. Colourizon bestond al een aantal jaar als radioshow en podcast serie, en eerder zijn er ook een aantal live edities geweest waar ik zelf all night of day mijn ‘Colourizon’ geluid liet horen. De radio show wordt o.a. op Proton Radio (Amerikaanse radiozender) uitgezonden. Omdat ik hier veel mee bezig ben en het onderdeel is van Miss Melera wilde ik dit graag naar De Marktkantine brengen. Ook een nieuwe uitdaging: Colourizon namelijk voor het eerst in de nacht. Dit zijn we samen aangegaan en doe ik nu een paar keer per jaar. Ik denk altijd na over hoe het concept zich verder kan ontwikkelen, natuurlijk binnen De Marktkantine, maar ik ga deze zomer ook een stage hosten op Amsterdam Open Air.”

En je bent bezig met een nieuwe productie.
“Klopt, er komt een track uit die ik samen met Olivier Weiter produceer voor de honderdste Einmusika release die in mei uitkomt. In 2014 heb ik daar mijn 2e EP uitgebracht (Faith red.). Alle producties op dit album worden trouwens in duo’s gemaakt die zeker niet allemaal voor de hand liggen.”

Hoe heeft jouw stijl zich door de jaren heen ontwikkeld?
“Ik ben begonnen met het draaien van trance, maar dat genre bloedde voor mijn gevoel dood. Beter gezegd: er werd geen betere trance meer uitgebracht dan dat er toen was. Ik had verzameld wat ik mooi vond, dus hield het voor mij op. Ik ben daarna even zoekende geweest. Ik heb ook een periode stevige techno gedraaid, had drie Technics (draaitafels red.) staan, maar toch vond ik dat op dat moment na een tijdje te monotoon — ik miste melodieën. Daarna werd het een combinatie tussen trance en techno, hoe ik ooit begonnen ben, maar dan samen gesmolten. Natuurlijk veranderd je stijl met de tijd mee, maar ik weet heel goed wat ik wil en dit is wie ik ben.”

Je hebt een hoop fans, maar de grootste zijn je ouders. Ik heb begrepen dat zij vaak aanwezig zijn.
Lacht: “Ja, mijn ouders vinden het oprecht heel leuk. Ze dansen graag en hebben het veel over mijn muziek. Mijn moeder is net als ik: zodra ze muziek begint te luisteren en haar vinyl tevoorschijn komt kan ze niet meer stoppen en gaat ze door tot diep in de nacht. Ik vind het heel vet dat mijn ouders kúnnen komen kijken. Het is niet altijd omdat ze alleen mij willen horen, maar omdat ze de muziek écht mooi vinden. Als bijvoorbeeld Arjuna Schiks in Utrecht draait kopen ze ook een kaartje en gaan ze kijken bij hem.”

Ga je zelf nog weleens uit?
“Nee, dat vind ik soms jammer. Dat je een kaartje koopt en dat je uitkijkt naar zo’n avond waarin je muzikaal gevoed of verrast wordt. Dat mis ik soms wel. Dat komt deels omdat ik druk ben met draaien en touren en dan vind ik het ook fijn om in een vrij weekend niks te doen of met vrienden af te spreken. Maar als ik uit ga ben ik vaak ook veel tijd kwijt aan socializen. Amsterdam is een dorp; je komt altijd bekenden tegen. Het is natuurlijk super gezellig, maar ik ik mis het weleens om incognito op de dansvloer te staan en lekker rond te fladderen en een hele avond muzikaal te kunnen beleven.”

Wat vindt je van de Amsterdamse clubcultuur?
“Het is vet dat er zoveel aan de gang is, en dat niet alles meer zo gecentreerd is in het centrum, clubs buiten het stadshart doen het goed. We hebben veel clubs, die elk hun eigen ding doen. Amsterdam heeft zoveel te bieden, ik vraag me af waar ter wereld dat nog meer het geval is.”

Tijdens Nacht voor de Nacht draait Miss Melera in De Marktkantine.
Lees hier het artikel over De Marktkantine.

foto door Raymond van Mil


Ron Simpson

Ron Simpson

Krijgt alles voor elkaar

Ron Simpson was het gezicht van Girls Love DJs en is tegenwoordig met zijn eigen marketingbureau 24K Agency veel betrokken in de muziekindustrie en houdt hij zich bezig met het scouten van nieuw talent. “Ik ben een regelaar met goede ideeën en een ijzersterk netwerk.”

Wanneer is jouw carrière in de muziekindustrie begonnen?
“Ik woonde rond mijn twintigste nog in Utrecht. Een vriend was de eigenaar van club Monza en daar gaven we elke vrijdag een hiphop en R&B feest, dat heette Supah Dupah – je moet het maar verzinnen. We hadden helemaal geen geld of een uitgedacht plan. We deden maar wat. Vrienden van mij draaiden plaatjes en ik werd spontaan MC. Toentertijd was Girls Love DJs al een groot concept en werd ik gevraagd om het nieuwe gezicht te worden.”

Hoe was die periode?
“Een evenement hosten is mijn tweede natuur. Dan voel ik mij als een vis in het water. In Utrecht kwam ik in het nachtleven telkens veel bekenden tegen. In Amsterdam zag ik elke nacht nieuwe gezichten. Er was meer concurrentie en het niveau lag hoger. Na een maand werken met Girls Love DJs zat mijn agenda helemaal volgeboekt. Minimaal vijf shows per weekend.”

Waar ga je zelf vaak uit?
“Je vindt me nog best vaak in de club en zeker op de festivals. Van de Jimmy Woo tot HYTE en van Pitch tot Tomorrowland. Ik heb in mijn uitgaansleven drie stromingen gevolgd: begonnen met hiphop en R&B in Utrecht, daarna ben ik op tour geweest met FeestDJRuud en vervolgens ben ik house meer gaan waarderen tijdens mijn periode bij Girls Love DJs. Het is tof om te zien wie er nu nog meedoet en een verschil maakt in het nachtleven en de bijbehorende creatieve industrie. Het is ook leuk om te zien hoe de jonkies het doen.”

Wat voor band heb jij met de Jimmy Woo?
“Ik was bij de opening dertien jaar geleden. Jimmy Woo is een goed verhaal: voor de opening werd verteld dat Jimmy Woo een rijke Chinese zakenman was. Er werd een persconferentie georganiseerd, met een live stream ‘vanuit China’, met Mister Woo. Dat was gewoon een Chinese acteur die drie kamers verderop voor een camera zat. Ik was daar en ik zag het interieur, de immense rijen voor de deur en een iconische doorbitch. Ik was meteen verkocht. Inmiddels is de eigenaar Casper Reinders soort van familie van mij geworden en organiseer ik elke vrijdag een feest: Uh Oh.”

Waar ben je momenteel mee bezig?
“Heel veel. We gaan een restaurant openen in De Pijp: The Avocado Show. Ik vertegenwoordig Achmed Akkabi, die een succesvol jaar achter de rug heeft. Net zoals Jelmer de Boer en Reverse. Samen met Red Bull heb ik onwijs toffe dingen gedaan vorig jaar en dit jaar gaan we een fantastisch hip hop jaar tegemoet. Verder doen we nog een aantal projecten met Mr Polska en Kraantje Pappie.”

Dat zijn heel veel verschillende dingen. Hoe hou je alles op de rails?
“Ik ben een regelaar met goeie ideeën en een ijzersterk netwerk. Ik ken altijd wel iemand die iets heeft, wat een ander zoekt. Het is aan mij om te kiezen wie we willen ondersteunen. Als ik genoeg grote projecten heb lopen, creëer ik de ruimte om nieuwe talenten van de grond te krijgen.”

Welke jonge artiest heb je recent begeleid?
“De laatste was Yordi Hamming, de Nederlandse Drake uit Almere. Ik gaf een seminar over jong ondernemen, na de seminar kwam hij naar me toe. We zijn gaan zitten op kantoor, hebben een nieuwe artiestennaam bedacht en ik heb wat telefoontjes gepleegd om hem op de kaart te zetten. Nu zit hij in de studio met mensen die zijn droom waar kunnen maken.”

Je bent nu heel zeker van je zaken. Toen je carrière net van de grond kwam was je leven financieel onzekerder. Is er nog wel eenzelfde spanning aanwezig?
“Ik denk dat de spanning een nieuwe dimensie heeft gekregen. Geld is negen van de tien keer een bijkomstigheid van succes. Succes is veel belangrijker. Ik ben inmiddels 33 en ik heb een huis met een hypotheek. De ruggengraat van mijn bedrijf gebruik ik voor financiële zekerheid. Zodat ik mijn personeel en de hypotheek kan betalen. Daardoor heb ik de ruimte om kleinere artiesten een kans te geven. Amsterdam kent namelijk veel talent en ik weet wie ze nodig hebben om verder te komen.”

Nacht voor de Nacht 25 februari 2017 Jimmy

Lees hier het artikel over Jimmy Woo.

foto door Raymond van Mil


Geert van Itallie

Geert van Itallie

“Uitgaan moet als cultuur gezien worden”

Als algemeen en artistiek directeur van de Melkweg leidt Geert van Itallie een van de oudste clubs van Amsterdam. Sinds de jaren 70 heeft de locatie het Amsterdamse nachtleven in veel verschillende fases meegemaakt. Anno 2017 lijkt onze clubcultuur sterker en populairder dan ooit te voren. Te gek, maar het brengt ook (nieuwe) problemen met zich mee. Stichting N8BM A’DAM ging langs Van Itallie voor een inhoudelijke gesprek over oneerlijke concurrentie, gemiste kansen van Amsterdam Marketing en uitgaan als vorm van cultuur.

Samen met Gert van Veen en Sjoerd Wynia heb jij de Amsterdams Overleg Club in het leven geroepen. Kun je daar wat meer over vertellen?
“Directe aanleiding was de verdeling van de 24-uursvergunningen, we hadden toen een gezamenlijk belang dat dit niet tot oneerlijke concurrentie zou leiden en een te snelle toename van clubs. Groei is goed, maar het moet wel steady gaan. We hadden een gemeenschappelijk doel en gaandeweg hebben we het dat kunnen uitbouwen naar bijvoorbeeld city marketing, hoe we regulering kunnen verbeteren, gemeentelijke vergunningen en praktische dingen.”

Waar richt dit overleg zich nu op?
“Ons doel is nu om met Amsterdam Marketing op te trekken. Niet alleen tijdens ADE, eigenlijk staat Amsterdams nachtleven ieder weekend aan de Europese top. Daar moeten we niet te bescheiden in zijn, we hebben hier een fantastisch aanbod. Dat moeten we veel meer uitdragen en inhoud geven.”

Beter dan, zeg, Berlijn?
“Als je Amsterdam met Berlijn vergelijkt denk ik dat in Amsterdam de diversiteit veel groter is. Het type clubs dat in Berlijn ongeëvenaard is, dat komt er steeds meer bij in Amsterdam. Als je kijkt wat er allemaal is en wat voor publiek dat trekt, dan hebben we een uniek aanbod.”

Dus ze zouden zich moeten richten op de nachttoerist?
“Amsterdam Marketing heeft veel stappen zijn gemaakt in het aantrekken van toeristen door het ‘Rode Loper beleid’. Dus de opening van het Rijksmuseum, het Van Goghmuseum, dat fantastisch loopt, en het Stedelijk. De discussie is nog veel te of/of. Moet de marketing daarop gericht zijn, of moet het gericht zijn op het ‘culturele uitgaanstoerisme’, zoals ik het zelf noem. Dus de toeristen die overdag hoogcultuur tot zich nemen, en ’s nachts ook nog willen uitgaan. Ik denk dat die overlap onderschat wordt. Uitgaan zal nooit hoogcultuur worden, maar het is wel belangrijk dat het überhaupt als cultuur gezien wordt.”

Gemiste kans dus?
“Het is een gemiste kans om toeristen die voor het clubben naar Amsterdam komen niet als nieuwe kunstgebruikers gezien worden. Zo hebben wij tijdens Nacht voor de Nacht onze samenwerking met het Van Goghmuseum in de Galerie. Van Goghmuseum deed eigenlijk spontaan hieraan mee, omdat het ook het gezamenlijke belang ziet en we elkaar daarin kunnen versterken. Ik zou graag zien dat dit soort samenwerkingen in een collectief marketingbeleid gezet zou worden.”

Welke plek heeft Melkweg in het Amsterdamse club landschap?
“Melkweg, en Paradiso trouwens, zijn twee van de weinige clubs die aan een dubbele programmering doen. Dus eerst een concert en dan een clubavond, dat zie je in de wereld bijna niet. Dat neemt met zich mee dat we nooit gezien worden als een hippe club, want we zijn ook gewoon een concertzaal. Dat bijt elkaar in het imago. Maar de Melkweg heeft wel de rol gespeeld die nu de clubs nu spelen en dat is cutting edge elektronische muziek programmeren.”

Waarom is diversiteit zo belangrijk voor de Melkweg?
“Tien jaar geleden stonden wij qua elektronische muziek op het punt waar nu De School staat. We hadden een erg vooruitstrevende programmering, meerdere avonden per week zelfs. Dat is lastiger geworden nu er zoveel andere clubs bij zijn gekomen. Dat heeft er voor gezorgd dat we diverser zijn gaan programmeren, met meer focus op diverse subculturen. Diversiteit zit in ons DNA. Het is niet dat het ons geen moeite kost: we zijn er intensief mee bezig. Dat begint bij de programmering en als dan meerdere subculturen zich prettig voelen bij je zaal, kun je dat uitbouwen naar partnerships en nieuwe publieksgroepen die we nu niet makkelijk binnen krijgen. Mooi voorbeeld is natuurlijk hiphop nacht Encore, maar zo zijn er meer nachten die bijdragen aan diverse Melkweg.”

Heeft dat ook zijn weerslag op de Melkweg zelf?
“Diversiteit zit in de 4 P’s. Programmering, Publiek, Partners en Personeel. Mijn ervaring is dat als je op bepaalde doelgroepen richt in de programmering, dat je deze doelgroep ook vanzelf als personeel binnen krijgt. Ouder personeel gaat op een bepaald moment weg want die identificeert zich niet meer met het programma, en zo heb je een natuurlijk verloop. Wat moeilijker te mengen is, is bijvoorbeeld de Raad van Bestuur, daar moeten we actief naar opzoek gaan en andere prioriteiten in stellen. Maar ook in het management en achter de schermen zitten steeds meer mensen van allerlei verschillende achtergronden.”

Waarom is dat belangrijk?
“Het heeft natuurlijk ook een economisch aspect en clubs moeten ook economisch denken. Als je naar de lange termijn kijkt en je kijkt naar de samenstelling van de Nederlandse bevolking moet je daar als club daarin je positie in bepalen. Als je je doelgroep uitkiest, bijvoorbeeld hippe jongeren, blank, hoogopgeleid; dat kan prima werken, maar zelf denk ik dat je als club, als ondernemer, met diversiteit bezig moet zijn. Daarnaast zijn we een culturele instelling dat de breedte van de bevolking moet bedienen. Dat zouden we wel wat meer moeten uitdragen, en andere Amsterdamse clubs ook.”

Nacht voor de Nacht 25 februari 2017 MelkwegLees hier het artikel over Melkweg

foto door Raymond van Mil


Nacht voor de Nacht 25 februari 2017 Kees Heus

KC the Funkaholic

KC the Funkaholic

“Ik mis seks op de dansvloer”

Hij stond o.a. aan de wieg van succesavonden als Bassline, Boss en Oi en het Rush Hour label Kindred Spirits. Tegenwoordig is ‘ie voornamelijk bezig met de programmering van Paradiso/Paradiso Noord, het dancefestival Super-Sonic Jazz en zijn eigen wereldmuziek-avond Ticket to the Tropics. Hij draagt vaandels over aan jonge organisatoren, houdt de ontwikkelingen in de nacht scherp in de gaten en geeft waar nodig een zetje. Kees Heus alias KC the Funkaholic: de nachtcultuur trendspotter van Amsterdam. “Ik ben altijd actief om te zoeken wat voor interessante trends er in de stad zijn en hoe ik ze kan helpen.”

Welke interessante ontwikkelingen zie je op dit moment?
“Ik vind het heel tof dat de wereldmuziek waaruit ook Ticket of the Tropics is uit voortgevloeid nu zo gewaardeerd wordt. Kijk, dat een kind van zestien geïnteresseerd is in drum & bass, hiphop, R&B of house snap ik wel. Maar wat Amsterdam heel erg uniek maakt en waarin het verschilt van Parijs of Londen of eigenlijk elke grote metropool, is dat we hier een bloeiende wereldmuziek scene hebben. Dat is een dope trend. Kijk, dat een kid van zestien bij De Wereld Draait Door vertelt dat ‘ie naar Fela Kuti luistert — dat is de beste promotie die je voor wereldmuziek kan hebben.

Ook heb ik het gevoel dat genres steeds meer naar elkaar groeien. Kijk maar naar dj’s als FS Green en Vic Crezée, die zijn gewoon als hiphop dj begonnen. Dat vind ik wel bijzonder aan Amsterdam het wordt hier weer wat spannender.”

Probeer je met Felabration en Ticket to the Tropics de trend van wereldmuziek te pushen?
“Ja, maar je moet die scene niks opdragen, het moet zichzelf gaan ontwikkelen, Ik probeer te steunen waar het kan. Ik ben vanuit Ticket to the Tropics over gegaan naar Felabration, een avond waar kids van onder de twintig op Fela Kuti tracks aan het moshpitten zijn, dat is echt uniek voor de wereld.”

Je ziet vaak dat als er een feest populair is, soortgelijke feesten overal opduiken.
“Dat zie je wel in Amsterdam. Er wordt ontzettend veel gekopieerd. Dat heeft in m’n leven ook af en toe wel moeite gekost om daar mee om te gaan, maar inmiddels zie ik het als een inspiratie voor mensen die er hun eigen draai aan geven. Ik vind het heel leuk dat fakkels worden overgedragen en dat ik dan weer met iets anders aan de slag kan gaan. Zo ben ik ook met SummerDanceForever en Super Sonic-Jazz begonnen, een avond met progressieve jazz. Je zag dat urban dance in Nederland begon te pruttelen. Kijk naar programma’s als So You Think You Can Dance. Je ziet dat alleen niet terug in clubs: er wordt bijna niet meer gedanst. Hoe komt dat dan, vraag ik me af. Dat soort vragen vind ik interessant, dus ga ik dat onderzoeken en ermee aan de slag.”

“Als je niet kon dansen was je vroeger kansloos. Dat mis ik wel echt op dit moment in de nachtcultuur”

Hoe doe je dat?
“Ik probeer die kids uit de dansscholen te trekken en ze naar de club te halen. Zij brengen vaak een toffe atmosfeer op de dansvloer. Voor mij moet je uit de heupen dansen en verleiden. Dat moet terug.”

Want er wordt volgens jou niet genoeg gedanst?
“Vroeger versierde je een meisje dansend, het was een vorm van verleiden. Op die manier wordt er niet meer versierd. Als je niet kon dansen was je vroeger kansloos. Dat mis ik wel echt op dit moment in de nachtcultuur. Ik mis seks op de dansvloer. Inmiddels gaat het alleen nog maar om de dj. Iedereen staat aan die booth gekleefd en te wijzen en te zwaaien. Soms heb ik de neiging om de muziek uit te zetten en te zeggen: ‘yo, draai je om en kijk om je heen, zijn er nog leuke meiden in je buurt?’”

Hoe zie jij de stad over tien jaar?
“Heel positief! Ik vind dat Amsterdam echt wel gezegend is met deze generatie jongeren die openstaan voor alles. Zij zijn echt meer bezig met de inhoud. Amsterdam kent heel veel platenzaken, blijkbaar verkopen zij dus goed. Dat komt omdat de kids in die muziek aan het duiken zijn. Uit die inhoud creëren zij weer feestjes.”

Noem eens wat voorbeelden van die kids.
“Tienson van Jungle by Night bijvoorbeeld. Hij is eigenlijk helemaal geen dj, maar door z’n smaak valt hij op en inmiddels door zijn ervaring gaat hij steeds beter draaien. En Jamairo Nawaz! De nieuwste aanwinst van Bassline. Als ik hem hoor draaien of praten heb ik er vertrouwen in dat de fakkel weer overgedragen wordt. Ik ben benieuwd wat voor feesten zij over tien jaar gaan geven, maar ik weet zeker dat die inhoudelijk heel vet gaan worden. Of die gasten van Dansé Dansé. Dat is gewoon leuk.”

Wat kan ik verwachten van Ticket to the Tropics tijdens Nacht voor de Nacht?
“Die avond wordt bijzonder, Osunlade treed op. Hij is best bekend en heeft weleens opgetreden in Trouw en Paradiso. Maar hij heeft ook een band waarmee hij niet veel optreed, sowieso nog nooit in Nederland. Zij staan in Paradiso Noord tijdens Nacht voor de Nacht. We organiseren het samen met Brighter Days, ook zo’n nieuwe club enthousiastelingen.”

Nacht voor de Nacht 25 februari 2017 ParadisoLees hier het artikel over Paradiso en Paradiso Noord.

foto door Texas Schiffmacher


Cinema Royale

Cinema Royale

divers en met een knipoog

Arne Visser draait sinds 1998 onder de naam Cinema Royale. Gevormd door de gouden tijden van de RoXY, IT en De Richter is deze muzikale duizendpoot al jaren niet uit het nachtleven weg te slaan. Op de maandag host hij Tanki Tanki in de Disco Dolly, misschien wel gezelligste maandagavond van Amsterdam.

Hoe is het voor jou begonnen?
“In 1998 ben ik naar New York gegaan waar ik in contact ben gekomen met wat men later lounge is gaan noemen. Vanaf dat moment ben ik fanatiek filmmuziek gaan verzamelen en draaien. Ik heb geen idee waarom, het leek me gewoon boeiend en ik was altijd al een filmliefhebber. Ik heb toen een cassettebandje naar het filmfestival in Rotterdam gestuurd. Daar mocht ik draaien voor de kassa tussen de rijen wachtenden. Op première feestjes en werd ik vervolgens gevraagd voor personeelsfeesten en andere grotere feesten.

Voor ik het wist stond ik in de Rotterdamse Schouwburg op de apparatuur van Richie Hawtin te draaien. Stond ik daar met 200 soundtracks. Toen ben ik  muziek gaan zoeken dat meer gericht was op de dansvloer. In de meest uiteenlopende stijlen, inclusief house waarmee ik ben opgegroeid in het RoXY tijdperk.”

Je hebt je eigen avond in Disco Dolly, vertel.
“Klopt, iedere maandag doen we Tanki Tanki, vernoemd naar een Libanese acid plaat. We draaien muziek voor vinyl liefhebbers, zeer divers en met een knipoog. We hebben ook ruimte voor talent, zodat ook jonge dj’s uren kunnen maken. We trekken veel mensen uit de horeca omdat die weten dat het bij ons goed vertoeven is zodra ze klaar zijn met werken. De maandag is een lastige avond voor veel clubs terwijl wij toch iedere week 200-250 man trekken. Vorig jaar in september zijn we met het nieuwe seizoen gestart en was de hele Dolly afgeladen met studenten. We sloegen ze flink om de oren met onze platen maar ze bleven maar losgaan. Kwamen er opeens twee van die bloesjes op ons af, met van die puntkragen. Ik dacht: nu gaan ze vragen of we ook iets anders hebben, maar nee hoor: ‘wat is jullie Soundcloud?!'”

Wat maakt de Disco Dolly uniek?
“De Dolly is in mijn beleving een echte club die het hele leven vertegenwoordigt. Sommigen komen om te dansen, anderen om vanaf de zijkant te kijken of om te sjansen. Het is een echte bar-dancing, inclusief de magie, banaliteit, tragiek en humor. Daar waar andere clubs je meevoeren en letterlijk binnenhalen — zo heeft Claire bijvoorbeeld een twintig meter lange gang en stopt De School je onder de grond, stap je vanuit de Dolly zo naarbuiten en sta je direct tussen de junks en de dealers in. Het blijft de realiteit.”

Hoe vind je de huidige stand van zaken van de nacht in Amsterdam?
Amsterdam beleeft een goede tijd wat betreft het nachtleven, veel beter dan een paar jaar geleden. Er is een heel divers aanbod en op veel plekken zitten heel goede programmeurs. Van de Marktkantine tot RADION en Shelter. Ook vindt ik dat Juri (Miralles red.) van Claire het heel goed doet. Festivals hebben wel de loyaliteit van bezoekers naar clubs toe onder druk gezet, mensen lijken trouwer aan festivals dan aan clubs in zekere zin. Mensen leggen zich nu al vast voor een festival in september terwijl ik denk, ga eens naar een bijzondere nacht in Paradiso Noord. Er is zoveel te beleven in Amsterdam!

Nacht voor de Nacht 25 februari 2017 Disco DollyLees hier het artikel over Disco Dolly.

foto door Texas Schiffmacher


BlaQQa Bang Bang

BlaQQa Bang Bang

wijst vriendelijk mensen af

Naast zijn 9 to 5 job als HR adviseur is Blaqqa Bang Bang een graag geziene karakter in het Amsterdamse nachtleven. Zowel als resident dj bij NYX als doorhost van A L’Elephant du Congo geeft hij op zijn eigen manier smaak aan de nacht.

Waarom sta je naast een drukke baan ook elke vrijdag aan de deur?
“Ik ben graag in contact met mensen. Dat heb ik met mijn fulltime baan ook, maar ik vind het heerlijk om daarnaast een baantje te hebben dat nergens over gaat, haha. Daarnaast ben ben ik heel creatief. Ik hou van mode en andere gezellige, leuke en creatieve dingen — en dat vind je het nachtleven. Ik heb er weleens over nagedacht: wil ik dit blijven doen? Ja dat wil ik, want dit is mijn creatieve uitlaatklep. Mijn baan overdag is corporate en erg zakelijk. Daar heb ik het ook naar mijn zin, maar mijn creativiteit kan ik daar niet in kwijt.”

Ben je streng aan de deur?
“Ik vind zelf van niet, anderen vinden me vaak wel streng. Ik let aan de deur op best veel dingen: wat voor vibe geeft deze persoon af, is ‘ie dronken, en met wat voor mensen is hij? Past hij of zij bij het beleid dat we voor dit feest hebben? Het is heel moeilijk uit te leggen, maar je screent dat heel snel. In een milliseconde heb je door wat wel wat niet. Ik wijs mensen wel vriendelijk af. ‘Probeer wat anders, hier gaat het vanavond niet lukken.’ Ik krijg zelfs complimenten van mensen, die zeggen: ‘Ik word vaker afgewezen, maar zoals jij het doet vind ik het niet erg’.”

Waar ga je zelf uit?
Ik ga nooit uit! Ik sta aan de deur, dat vind ik genoeg. Het is gezellig en ik sta een paar meter van het feest vandaan. Iedere vrijdag ga ik dus eigenlijk al uit. Het is een soort van feestje, zo ervaar ik dat. Ik vind wel dat Amsterdam momenteel een soort van reboost aan het maken is wat betreft het nachtleven. Een paar jaar geleden vond ik dat we op een dieptepunt zaten. Nu bloeit het weer op, ook met alle nieuwe clubs die openen.

Wat valt je verder op in het Amsterdamse nachtleven?
Ik merk dat gayfeesten steeds meer geïntegreerd raken met heterofeesten. Je hebt niet heel veel specifieke gay feesten meer, en op andere feesten komen ook gays. Je merkt dat het redelijk gemengd raakt en dat vind ik erg fijn. Want ik houd niet van die scheiding. NYX is een heel goed voorbeeld van hoe het hoort. Het is supergemengd en dat valt me op. Wat me ook opvalt is minder haat op de jonkies. Een paar jaar geleden werd er meer neergekeken op de partykids en dat lijkt minder. Het is hun generatie, laat ze lekker. We worden milder in Amsterdam, een paar jaar geleden was er meer haat en nijd, maar nu lijkt het net of we meer lol kunnen hebben. Het is allemaal goed.

Nacht voor de Nacht 25 februari 2017 COngo 4Lees hier het artikel over A L’Elephant du Congo.

foto door Raymond van Mil