Judocus van Soest

Judocus van Soest

creëert droomwerelden met handgemaakte dia’s

In een tijd waarin met digitale middelen op visueel gebied zo’n beetje alles mogelijk is, blijft visueel kunstenaar Judocus van Soest (57) trouw aan zijn handgemaakte dia’s en analoge projectoren.

Het zijn de vroege jaren tachtig wanneer Van Soest spelenderwijs erachter komt dat je met dia’s, meerdere projectoren en een flinke dosis creativiteit, bijzondere composities kunt maken. Het diaglaasje vormt daarbij zijn canvas. “Je kunt oneindig opzoek gaan naar transparante dingen of vormen die je kunt projecteren”, vertelt Van Soest over de charme van het medium. De dia’s maakt hij met de hand. Daarbij experimenteert hij met allerlei materialen: olieverf, inkt, het blad van een boom of gebroken glas. “Als je glas kapot slaat krijg je een heel mooie beeld van de verwringing van het materiaal.”

In Club Mazzo (Amsterdam, 1980 – 2004) ziet hij voor het eerst hoe beeld, licht en ritme een ruimte volledig kan transformeren. “Ik vond het fascineren om te zien. Ik wilde ook iets aan die wereld toevoegen.” Hij ziet in het nachtleven een ideaal podium voor zijn werk. In het begin trekt hij met zijn dia’s voornamelijk door de alternatieve scene. Later, wanneer in de jaren negentig de house haar hoogtijdagen beleeft, projecteert hij ook op grote dancefeesten en -festivals.

Zo komt hij in 1996 in contact met Marcel Mingers die dat jaar voor het eerst Extrama Outdoor gaat organiseren. Van Soest wordt voor het tweedaagse festival gevraagd als vj en zal dat uiteindelijk een aantal edities doen. Tussen 1998 en 1999 reist hij zelfs mee naar Ibiza waar de organisatie een aantal avonden organiseert. Daar projecteert hij in legendarische clubs als Pacha, Space, Amnesia en El Divino. “Dat was een hele avontuurlijke en leuke tijd, maar ook heel chaotisch. De dancescene was toen nog helemaal niet zo professioneel als nu. De posters moesten we zelf opplakken, ook organiseerden we een optochten ter promotie van de evenementen. We waren daar met een groep van twaalf mensen. Er was geen hiërarchie, Marcel stond daar zelf met ducktape in zijn handen.”

“Het is geen platte pixel: bij alles wat je in een diaprojector stopt en projecteert zie je het reliëf”

Voedingsbodem
Volgens Van Soest heeft de vrijheid van de jaren tachtig geleid tot een hele creatieve scene. Een vruchtbare voedingsbodem waar ook hij zich heeft kunnen ontwikkelen. “Er werden toen veel dingen gebouwd en gemaakt. De kraakwereld schiep ruimtes waar feesten georganiseerd konden worden. In die tijd was de nachtleven nog helemaal niet geprofessionaliseerd. Veel dance-organisatoren hebben zich in die scene kunnen ontwikkelen. Door die vrijheid is dance in Nederland tot bloei gekomen.”

Die vrijheid mist Van Soest weleens. Hij betreurt dat er bijna geen plekken meer zijn waar creatieven vrij kunnen experimenteren. “Nu zijn de festivals meer de plek om te experimenteren. Ik heb op festivals veel mooie dingen kunnen maken. Zeker op meerdaagse festivals waar ook veel creatieven bij elkaar komen. Maar het is jammer dat zoiets alleen kan plaatsvinden op gereguleerde plekken, zoals binnen de omheining van festivalterrein. Vroeger gebeurde dat gewoon in de openbare ruimte; kwamen mensen rondom een kampvuur bij elkaar en reden de travestieten op brommers door de straat.”

Diepte
Tegenwoordig kun je Van Soest aan het werk zien op grote evenementen als Master of Hardcore, HYTE en Landjuweel. Het vj-en doet hij nog steeds analoog: dat betekent geen computers, geen beamers, maar alleen met zijn met de hand gemaakte dia’s en projectoren. “Het beeld wat je met analoog projecteren te zien krijgt heeft een bepaalde diepte. Ondanks dat het diaglaasje dun is, kun je het op verschillende punten scherpstellen. Het is geen platte pixel: bij alles wat je in een diaprojector stopt en projecteert zie je het reliëf, de verschillende lagen en het dikte-verschil terug op het scherm. Je kunt het best vergelijken met een glas-in-loodraam waar de zon doorheen schijnt. Dat vind ik het mooie van het analoog projecteren.”

Tijdens Nacht voor de Nacht op 24 februari kun je zijn werk zien op de gevel van RADION. “Ik heb een stuk of twaalf projectoren. Ik heb het idee om iets met bollen en stippels te doen. Deze tijd wordt heel erg bepaald door de microfoons en camera’s. De techniek wordt oneindig uitgebuit. Op elke hoek van de straat hangt een camera, in onze telefoons zit er een. Ik wil een compositie doen over dit thema, met stippels en bollen. Ogen en speakers hebben ook een ronde vorm. Het refereert ook naar de mensen in de club; die hebben ook een oog en een oor. Het is een reflectie van wat er binnen gebeurd.”

Sinds kort is Van Soest ook bezig met het vereeuwigen van zijn werk. Hij vindt het zonde dat veel van zijn beelden verdwijnen in de vluchtigheid van het nachtleven. Een aantal olieverf dia’s die hij de afgelopen jaren tijdens vj performances heeft gebruikt, heeft hij digitaal bestendigd en geprint. Deze afdrukken heeft hij verwerkt in een lichtobjecten zodat de dia ook zichtbaar is zonder gebruik van een diaprojector. “Nu wordt ik toch een beetje een kunstenaar, weg van de dansvloer.”

Nacht voor de Nacht 25 februari 2017 RadionRADION doet mee aan Nacht voor de Nacht.
Bekijk hier het programma.

Judocus van Soest. Foto Raymond van Mil


Meeus van Dis

Meeus van Dis

intensiveert emoties met licht

Met zijn lichtontwerpen eist hij zelden alle aandacht op. Toch is het werk van kunstenaar en lichtontwerper Meeus van Dis (40) sfeerbepalend.

Op dit moment werkt hij in Garage Noord aan een nieuw lichtontwerp. Deze zal tijdens Nacht voor de Nacht (24 februari) voor het eerst zichtbaar zijn.

Garage Noord is sinds september gevestigd aan de Gedempt Hamerkanaal. Het is nog onzeker hoelang de bar op die locatie mag blijven bestaan. “Het lichtontwerp is work in progress voor zolang de club open is”, vertelt Van Dis. Hij was ondermeer verantwoordelijk voor het lichtontwerp in Trouw (2009 – 2015). De kleurige TL installatie in de voormalig krantendrukkerij is voor veel bezoekers een herkenbaar beeld van club.

Tijdelijk
Sinds de sluiting van Trouw in 2015 heeft Van Dis zich niet meer aan een club verbonden. Voor Garage Noord maakt hij een uitzondering. Hij is gecharmeerd door de locatie, het concept en de instelling van de initiatiefnemers. “Ik vind het ontzettend stoer wat die gasten doen. Zij zijn met hart en ziel iets aangegaan waarvan de duur onzeker is en de kans klein is dat ze er een dikke boterham aan gaan verdienen. Ze doen het uit liefde voor eten, muziek en het samenbrengen van mensen. Dat support ik graag. Ik vind het project interessant omdat het een zeer beperkte en dus een explosieve levensduur heeft. De opgave is om met weinig middelen een maximaal resultaat te behalen.”

Het tijdelijke aspect van een locatie, zoals bij Garage Noord, is een terugkerende factor in Van Dis zijn samenwerkingen. De Ruimte, Club 11, Trouw, Krux; het zijn allemaal plekken die voor een korte periode hebben bestaan. “Het tijdelijke aspect vind ik heel erg interessant en motiverend. Je begint met een idee en gaandeweg kan je eraan blijven schaven. Het is continu in beweging en het is eigenlijk pas af als de locatie zijn deuren sluit.”

Toch doet Van Dis sinds kort ook iets wat haaks staat op het tijdelijke. “Ik ben bezig met het ontwerpen van een serie licht-objecten. Een ontwerp dat dus kan worden gereproduceerd, dit in plaats van een eenmalig ontwerp. Ergens in 2018 zullen deze ‘lampen’ te koop zijn. Product ontwerpen heb ik na de Design Academy achter mij gelaten. Ik vond dat toen niet zo interessant. Nu is het juist een grote uitdaging: ik zal iets moeten ontwerpen wat van te voren volledig en tot in detail uitgewerkt zal moeten zijn.”

“Een goed lichtontwerp valt vaak samen met de omgeving, het wordt één geheel, alsof het altijd al zo was”

Een omgeving creëren
Je komt het werk van Van Dis op verschillende plekken en in verschillende hoedanigheden tegen. Maar het nachtleven heeft op hem een onweerstaanbare aantrekkingskracht. Van Dis: “In de eerste plaats vanwege de muziek. Maar ook omdat mensen er naartoe gaan om een leuke avond te hebben, weg van hun dagelijkse sores. Ik ben dan een radartje in de gehele ervaring. Ik kan een extra laag aan de muziek toevoegen en het euforische gevoel proberen te intensiveren.”

Volgens Van Dis zijn er een aantal dingen heel belangrijk in de club: het bewaren van de intimiteit en het leggen van accenten op visueel strategische plekken. “Wat opmerkelijk is aan licht is dat het vaak heel erg opvalt als het lichtontwerp niet goed is gedaan. Een goed lichtontwerp valt vaak samen met de omgeving, het wordt één geheel, alsof het altijd al zo was.

Voor het lichtontwerp in Garage Noord is hij nu bezig met de research. “Als ik voor iets muziek gerelateerds een lichtontwerp ga maken, gaat er vaak veel research aan vooraf. Ik onderzoek de identiteit van de locatie en de activiteiten die daar plaatsvinden. Garage Noord is gevestigd in een oude garage dus ben ik logischerwijs gestart met de research binnen dat thema, zoals de autosloop en garages, we zien wel waar dat strand.”

Wat het lichtontwerp gaat worden, en misschien wel belangrijker, hoe het zich gaat ontwikkelen is nog onbekend. “Dat zal op een organische manier tot stand komen,” zegt hij. “Maar ik ben blij dat ik aan zo’n tof initiatief kan bijdragen. En ik hoop dat dit soort tijdelijke initiatieven zich blijven manifesteren in Amsterdam.”

Nacht voor de Nacht Garage NoordGarage Noord doet mee aan Nacht voor de Nacht.
Bekijk hier het programma.


Huub Lammens

Huub Lammens

gekkigheid is zijn handelsmerk

Het is niet niks wat stylist Huub Lammens (47) tot nu toe heeft gedaan: van schitteren in de iconische RoXY en iT tot de styling bij de tour van Armin van Buuren. Inmiddels staat hij onder de sneltoets van vele feestorganisatoren.

“Ik ben er eigenlijk ingerold”, vertelt Lammens als hij terugkijkt naar hoe hij professioneel stylist is geworden. Toch was hij al op jonge leeftijd bezig met styling en show. In zijn geboortestad Groningen volgde hij opleiding tot make-up artiest en werkte hij in de lokale club als danser. Zijn carrière kwam in een stroomversnelling toen hij werd opgemerkt door de huischoreograaf van de iT. Die vroeg Lammens om in Amsterdam auditie te doen als danser voor de hipste gayclub van dat moment. “Ik wist dat ik in Groningen niet heel ver zou komen. Toen dacht ik: nu moet ik die stap nemen.”

Lammens werd aangenomen en verhuist naar het vrijzinnige Amsterdam waar de house-scene, het zijn de wilde jaren negentig, volop in bloei is. Als danser van de iT raakt hij ondergedompeld in het nachtleven en ontdekt hij al snel die andere club waar iedereen het over heeft: de RoXY. “Ik leerde allemaal nieuwe mensen kennen. Met sommigen ben ik toen drag-performance groep Fashion Pack gestart. Dat hebben we een paar jaar met succes gedaan. Zo werkten we in Rotterdam samen met Ted Langenbach (oprichter Now&Wow red.). Voor de shows deed ik zelf mijn visagie en styling, maar ook van de andere performers. Daar is de creativiteit wel ontstaan.”

In die periode werd Lammens in het nachtleven gekneed tot allround stylist. “Het heeft me gevormd tot wat ik nu ben. Zeker de RoXY waar ook veel kunstenaars en stylisten kwamen. Het gaf me de ruimte om mezelf te kunnen ontwikkelen.”

“Het liefst zou ik de hele wereld rondreizen. Dat ik de shows mag bedenken van al die grote artiesten als Lady Gaga, Madonna of Beyoncé”

Lammens ontwikkeld zijn eigen uitgesproken stijl: een xmix van het artistieke uit de modewereld en het extravagante uit het nachtleven. Het wordt zijn handelsmerk en Lammens wordt steeds vaker gevraagd voor evenementen, shows en openingen. Zo deed hij de styling tijdens de beginjaren van Dance Valley, was hij artistiek leider van club Backdoor en deed hij de kostuums bij Armin Only. Inmiddels kan Lammens leven van zijn passie.

Buitenland
Milkshake is een van de recente projecten waar Lammens shows voor maakt. Naast de weekender in Amsterdam en de stage op Mysterland, gaat hij met het kleurrijke festival voor een tweede keer naar São Paulo. “Ik vind het heel fijn om in het buitenland te zijn. Het liefst zou ik de hele wereld rondreizen. Dat ik de shows mag bedenken van al die grote artiesten als Lady Gaga, Madonna of Beyoncé. Het lijkt me fantastisch om dat te doen.”

Hoewel het voor Lammens als performer op het podium begonnen is, staat hij nu liever backstage. “Heel soms vind ik het leuk om mee te doen, maar ik vind het veel leuker om achter de schermen druk bezig te zijn en daar mijn creativiteit te laten zien.”

Voor Nacht voor de Nacht maakt Lammens een shows voor het legendarische Speedfreax, dat tijdens Nacht voor de Nacht terugkeert naar de WesterUnie. Wat er precies gaat gebeuren is nog even geheim. “Ik vind het heel leuk om in het nachtleven en op het podium mijn werk te tonen. Het neerzetten van een show vind ik fantastisch: je levert op dat moment wat af en je krijgt gelijk feedback. Het is actie-reactie.”

Nacht voor de Nacht 25 februari 2017 WesterunieWesterUnie doet mee aan Nacht voor de Nacht.
Bekijk hier het programma.

Huub Lammens. Foto Raymond van Mil


Alan Boom

Alan Boom

gaat met zijn billen bloot

Gedreven door de behoefte om de kunst en designwereld te blijven herontdekken is Alan Boom (35) uitgeroeid tot een veelzijdig artiest die zich niet laat beperken tot een vorm of medium, met een uitgebreid cv tot gevolg. De Amsterdamse Supperclub heeft hem onlangs uitgeroepen tot kunstenaar van de maand.

Als multimedia-artiest begeeft Boom zich in het vakgebied tussen film en fotografie. “Het multimedia-spectrum is heel breed en dat vind ik ook wel prettig,” zegt Boom voordat hij opsomt wat hij allemaal heeft gedaan: speelfilms, shorts, modefotografie en videoinstallaties — het lijstje is bijna te lang om op te noemen.

Sinds 2006 geeft hij als docent Film en Fotografie les op Fontys Hogeschool voor de Kunsten in Tilburg. In 2014 werd hij gevraagd om directeur van de opleiding te worden. Hij was op dat moment de op een na jongste van het team. “Ik wilde het heel graag, maar ik had wel het het besef dat het een behoorlijke functie was. Je werkt met een team van allemaal professionals die al jaren in de kunst en design zitten. Het zijn intelligente en kritische mensen. Je moet wel zeker van je zaak zijn op het moment dat je daar leiding aan moet geven. Het is een verantwoordelijkheid die hoort bij de functie.”

Maar een kans om de volgende stap te zetten in het creatieve denken en handelen liet Boom niet aan zich voorbij gaan. “Ik ben al sinds mijn studie bezig met welke gebieden binnen de kunst en design ik kan onderzoeken. Ik heb over kunst geschreven, kunst verzameld, heb als curator gewerkt. Het zijn allemaal verschillende gebieden in de kunstwereld die ik wil uitproberen om te kijken of het lukt, hoe ver ik kan komen en hoe leuk ik vind om het te doen. Dat is de basis van waaruit ik werk.”

Hij kijkt tevreden terug op zijn eerste drie jaar als directeur. “Het viel me ontzettend mee, ook omdat ik heel hard werk. Je investeert enorm omdat je vindt dat het team het ook waard is en omdat je ziet hoe een academie kan veranderen onder jouw leiding.”

Onder het bewind van Boom is het aantal klassen in het propedeuse jaar verdubbeld en uit landelijke tests blijkt dat studenten de opleiding meer zijn gaan waarderen. “Ik hoor veel positieve geluiden en dat maakt me ontzettend blij. Maar zoals altijd binnen het onderwijs is er continu werk aan de winkel. De opleiding is altijd in ontwikkeling.”

Uitdagen
Boom is naast zijn werkzaamheden voor de hogeschool nog steeds actief als kunstenaar en ontwerper. Zo cureerde hij in het verleden een tentoonstelling voor Museum Hilversum, vj-ed hij regelmatig in clubs en heeft hij meer recent een reeks lampen voor de Dutch Design Week ontworpen die direct waren uitverkocht. “Daar was ik super trots op. Je doet zoiets voor het eerst en dan is het afwachten hoe erop gereageerd wordt. Dat is best eng.”

Hij vind het belangrijk dat zijn studenten zien dat hij zichzelf blijft uitdagen. “Het is voor hun prettig om te weten dat ik ook in de praktijk bezig ben en figuurlijk met mijn billen bloot ga, in plaats van dat ik er alleen maar over praat.”

Artiest van de maand
In januari werd Boom door Supperclub benoemd tot artiest van de maand. De Amsterdamse club stond 31 dagen in het teken van zijn werk en hij mocht de Vertoon-avond naar eigen smaak invullen. “Samen met Isabelle (Ho Kang You, creatief manager Supperclub red.) heb ik het verder ingevuld. We hebben de acts besproken, maar ook gekeken naar de maaltijden en de PR.”

Boom kijkt met plezier terug naar de samenwerking. “Supperclub is een bijzondere omgeving. Ik vind het waanzinnig om in een pand te vj-en wat er al vier en een halve eeuw staat. Het is een eer. Waar ik ook heel blij mee ben, en dat kom ik niet overal tegen, is dat Isabelle mij alle artistieke vrijheid geeft. Ze is heel ruimdenkend. Ze komt met creatieve oplossingen, je maakt het ook samen met haar. Ze heeft een prettige persoonlijkheid en dat maakt het werken daar twee keer zo leuk.”

Later dit jaar zal Boom zijn eigen studenten en studenten van de Danceacademy dansstudenten van de hogeschool nog een editie van Vertoon verzorgen. De afwisseling tussen exposeren in een club en in galerie vindt hij verfrissend. “De ene keer wil je bij een tentoonstelling een inhoudelijke discussie voeren, een andere keer wil je genieten van het werk zonder dat je daar meteen wat van moet vinden.”

Nacht voor de Nacht 25 februari 2017 SupperclubSupperclub doet mee aan Nacht voor de Nacht.
Bekijk hier het programma.

Telemagic. Foto Raymond van Mil


nacht voor de nacht Joeri Woudstra

Joeri Woudstra

Joeri Woudstra

toont de schoonheid in het banale

Wie het werk Joeri Woudstra (24) ziet kan een gevoel van nostalgie niet onderdrukken. En laat dat nou net de bedoeling zijn. Door subculturen uit hun context te trekken en deze een nieuw perspectief te geven, wil Woudstra een gevoel van heimwee naar het verleden oproepen, zonder voor de hand liggende elementen van vroeger te gebruiken. We spreken met de Haagse grafisch kunstenaar over zijn werk, de elitaire kunstwereld en zijn muzikale alter ego Torus.

In 2016 maakte Woudstra een drietal audio-visuele shows op Red Light Radio: Green Laser Radio. Vanuit een verduisterde radiostudio met daarin een zelfgemaakte laser-installatie, speelde hij een uur lang trance; een genre dat eind jaren negentig, begin 2000 haar hoogtijdagen beleefde. Het hele spektakel was te volgen via een livestream, met een hoop enthousiaste reacties van luisteraars tot gevolg. Het leidde zelfs tot een tranceavond in De School dat Woudstra heeft helpen opzetten. Er ontstond die nacht een interessant contrast: in een puristische club klonk opeens de muziek die door veel mensen als niet-cool wordt bestempeld.

In de kunstwereld wordt er vaak onderscheid gemaakt tussen hoogcultuur en laagcultuur. In zijn werk speelt hij graag met het contrast tussen beiden. Hij hoopt dat mensen daardoor op zoek gaan naar de schoonheid binnen alles, ook als het als lage cultuur wordt gezien. Want met de pretentieuze benadering van kunst heeft Woudstra niks. “Wat maakt iets goed of slecht? Dat is iets heel persoonlijks. Toch zijn er in de samenlevingen opvattingen die deze verdeling in lage cultuur en hoge cultuur standhoud. Zo’n manier van denken vind ik snobistisch en dat staat mij niet aan.”

Glijbanen
Tijdens Nacht voor de Nacht presenteert Woudstra in De School de videoinstallatie Cilinders of Puberty. “Ik spendeer veel tijd met het afspeuren van YouTube, op zoek naar eigenaardige video’s. Zo vond ik een kanaal van iemand die in point of view filmt hoe hij van glijbanen glijdt. In eerste instantie sprak het me visueel heel erg aan, maar het pakte me vooral omdat het zo’n visueel abstracte verwijzing werd naar mijn jeugd. Die beelden heb ik opgeknipt en gemonteerd alsof je oneindig n lang door een glijbaan aan het glijden bent. In De School kun je deze video voor het eerst op groot scherm ervaren.”

“Ik wil proberen shows te doen in een club die geen clubshow zijn, met onderdelen uit een club die niet voelen als clubonderdelen”

De videoinstallatie maakt deel uit van de expositie Dansen op de Vulkaan waarvoor De School samen met Unfair het werk van vijf jonge makers heeft gecureerd. Woudstra gebruikt graag het nachtleven graag als podium voor zijn werk. “Kunst wordt vaak ik een heel formele wijze getoond in witte expositieruimtes. Ik vind het veel interessanter als mijn werk in een club wordt getoond. Daarmee verandert ook de hele context. Je ondervraag de functie van de club, maar ook van kunst en waarbinnen het gepresenteerd wordt.”

Onlangs gaf hij onder de noemer The Deejay is Present in Sociëteit Sexyland een performance die teruggrijpt naar deze gedachte. “Het was een silent disco met heel veel rook en lasers. Vanwege de rook kon je niemand om je heen zien en vanwege de koptelefoon kon je niemand horen. Het werd een persoonlijk dialoog tussen mij en alle mensen los in de ruimte. Een silent disco, een rookmachine en een laser zijn los hele normale clubobjecten, maar gecombineerd in deze context zorgt het voor een desoriënterende belevenis.”

Om het medium clubs en dj’s te ondervragen wil hij als Torus vaker dit soort performances geven. “Ik wil proberen shows te doen in een club die geen clubshow zijn, met onderdelen uit een club die niet voelen als clubonderdelen. Dat is mijn uitdaging dit jaar.”

Op het gebied van muziek zit Woudstra ook niet stil. Als Torus heeft hij in 2017 EP Descend in Chains uitgebracht. De volgende is in de maak, maar hij wil de release niet overhaasten. “Ik wil maximaal de tijd te nemen om echt een goede plaat te maken. Het is wel de bedoeling dat het dit jaar nog uitkomt. Daarnaast ben ik bezig met wat losse videoprojecten en komt er ook nog een remix of twee, waaronder een hele grote, maar daar kan ik nog niks over zeggen.”

Nacht voor de Nacht 25 februari 2017 De School
De School doet mee aan Nacht voor de Nacht.
Bekijk hier het programma.

Joeri Woudstra. Foto Raymond van Mil


Telemagic

Telemagic

bereidt jou voor op de digitale evolutie

Maak kennis met Telemagic: jouw gids langs de mysteries rondom technologie van dit millennium. Wij spreken met mede-oprichter Cyanne van den Houten (23).

Cyanne van den Houten is grafisch vormgever en onlangs afgestudeerd aan het Sandberg Instituut Amsterdam. Samen met Ymer Marinus (tech experimentalist) en Roos Groothuizen (tech experimentalist) vormt zij het collectief Telemagic: een groep “spirituele surfers” die zich focussen op de menselijke connectie tot technologie. Die is volgens Van den Houten behoorlijk gecompliceerd geworden. “De logica van technologie is tegenwoordig letterlijk onzichtbaar. Vroeger kon je de laatste machines zien of zelfs aanraken, ze kwamen ter wereld door het vormen van rauwe materialen en samenstellen van objecten. Het was duidelijk te zien en begrijpen dat deze machines gemaakt werden, en met welke functie. Nu staat de technologie op de rand van onstoffelijkheid. Met de kleinste componenten en chips die kleiner worden dan de golflengte van de zichtbaarheid van licht.”

In andere woorden: de technologie van vandaag is omvangen met mysterie. Door het bevragen en onderzoeken van technologische ontwikkelingen wil Telemagic de mysteries die om digitale technologie heen leeft wegnemen. Dit doen zij ondermeer met het organiseren van manifestaties en artistieke interventies, zoals de paranormale beurs Telemagic Midnight Shopping met interactieve machines die spelen met menselijke verlangens en digitale cultuur; van een smart-homesysteem voor lange-afstandsrelaties tot een machine die profetische voorspellingen doet over je online gedrag.

“Technologie is onze basis en onze natuur; we hebben het zelf gemaakt, maar hoe we ermee omgaan is vormbaar”

Volgens Van den Houten geven de Telemagic apparaten inzicht de mysterie van technologie, zodat je er beter mee kunt relateren en kunt voorbereiden op de evolutie die er aankomt. Of we bang moeten zijn voor de technologische ontwikkelingen? “Nooit”, zegt ze stellig, “we zijn extreem positief wat wij met Telemagic als techno-optimisten doen. Mensen hebben de neiging om onbeantwoordbare vragen te beantwoorden met bijgeloof en een spiritueel narratief. Wij verzinnen nieuwe mythologie, toepassingen, software en theorieën om de mens inzicht te geven op de digitale evolutie waar we inzitten. Technologie is onze basis en onze natuur; we hebben het zelf gemaakt, maar hoe we ermee omgaan is vormbaar.”

Het werk van Telemagic is te zien geweest in clubs als Shelter en De School. Volgens Van den Houten komen hun installaties ’s nachts het best tot hun recht. “Je merkt wanneer je in een club een spannende digitale installatie neerzet, dat mensen ’s nachts totaal anders en veel instinctiever reageren dan overdag. Voor ons is het heel tof om te zien dat we zoveel feedback krijgen. Op dit moment zijn we meer met galerieën en musea bezig, maar de nacht blijft een interessante en open plek om in te werken.”

Tijdens Nacht voor de Nacht toont Telemagic in Doka (Volkshotel) een aantal van hun geüpdate installaties, waaronder de TeleFortune Spinner: een omgebouwde kermis speelautomaat met een draairad dat voor vijftig cent een persoonlijke cyber horoscoop genereert. “Met de fysieke actie, de inworp van een muntje, communiceert dit direct met de gebruiker en vonden we een nieuw financieel model voor kunstenaars.”

Nacht voor de Nacht - Canvas

Canvas/Doka doet mee aan Nacht voor de Nacht.
Bekijk hier het programma.

Telemagic. Foto Raymond van Mil


Nacht voor de nacht merijn kavelaars

Merijn Kavelaars

Merijn Kavelaars

Ontvlucht zijn comfortzone

Schilderkunstenaar Merijn Kavelaars (33) gaat zich uitleven op de backstage van Shelter. Hij laat zich daarvoor inspireren en leiden door het doordenderende ritme van elektronische muziek. Stichting N8BM A’DAM zoekt hem op als hij zich een paar dagen in de Amsterdamse club terugtrekt.

Het werk van de in Shanghai woonachtige Kavelaars is op het eerste oog vriendelijk en toegankelijk. Met abstracte details probeert hij de randen van de verbeelding op te zoeken. Volgens Kavelaars heeft zijn werk een aantal kijkbeurten nodig voordat je doorhebt wat je eigenlijk ziet. “Het zijn persoonlijke boodschappen die ik niet direct wil delen, maar wat er tijdens het maakproces vaak wel uitkomt.”

Zijn speelse stijl en explosieve gebruik van kleuren en vormen doet denken aan graffitikunstenaar en schilder Jean-Michel Basquiat — niet geheel toevallig ook een groot inspiratiebron voor Kavelaars, net als Keith Haring en Cobra (avant-gardebeweging waartoe o.a. Karel Appel behoort). Maar ook kunstenaars in spé trekken zijn aandacht, vertelt Kavelaars als hij op zijn telefoon een waskrijttekening van zijn driejarig zoontje laat zien. “Dit vind ik nou ècht inspirerend.”

Lost in translation
In 2013 had Kavelaars last van een blokkade op zijn creativiteit. Het lukt hem niet om in Amsterdam iets uit zijn handen te krijgen; er moest iets radicaals gebeuren. Een uitnodiging om in Shanghai zijn werk te exposeren komt als geroepen. Kavelaars besluit om voor twee maanden de sleur in de hoofdstad te verlaten en in Shanghai aan de tentoonstelling te werken. De nieuwe omgeving heeft een goede uitwerking op zijn ontwikkeling en hij blijft na een geslaagde expositie in Shanghai wonen. Maar eenmaal verhuist wordt hij overvallen door eenzaamheid. “Er was daar niks tastbaars van mij. Ik sprak de taal niet eens; I was lost in translation.”

Zodra ik in mijn comfortzone kom en niet meer wordt geprikkeld moet ik weg

Dat veranderd wanneer hij door een sloopbuurt achter zijn huis wandelt. Kavelaars, die op dat moment nog geen atelier heeft, ziet allerlei mogelijkheden met de muren van een half-verwoest pand. Daarop experimenteert hij voor eerst met het beschilderen van grote oppervlaktes. Tijdens het maken van de muurschilderingen raakt hij in vervoering van de bewegingsvrijheid, waarbij hij niet langer gebonden is aan de beperkte afmetingen van een canvas. Kavelaars stort zich op het van top tot teen beschilderen van het pand en neemt uiteindelijk de hele buurt onder handen. “Dat was toen echt mijn houvast: het was iets van mij.”

De muurschilderingen vormen een openluchtexpositie en Kavelaars nodigt mensen uit voor een verrassingsrondleiding langs zijn werken. Helaas is het zover nooit gekomen: drie dagen voor de tour was alles verwoest.

Prikkels
Tegenwoordig woont Kavelaars afwisselend in Shanghai en Amsterdam. “Ik zit nu zo’n vier maanden in Nederland en heb alweer de kriebels om weg te gaan. Andersom heb ik dat ook in Shanghai. Zodra ik in mijn comfortzone kom en niet meer wordt geprikkeld moet ik weg.”

In aanloop naar Nacht voor de Nacht pakt Kavelaars de backstage van Shelter aan. De club in Amsterdam-Noord werkt vaker met kunstenaars: maandelijks verzorgt een andere maker het artwork dat online en op straat te zien is, en onlangs presenteerden studenten van het Sandberg Instituut hun afstudeerproject in Shelter. Een samenwerking met Kavelaars stond hoog op het verlanglijstje van Merijn van den Heuvel (directeur Shelter), toch koste het bijna een jaar plannen tot er in beide agenda’s een gaatje gevonden was.

Het is een ontlading: ik kan me hier letterlijk opsluiten en mijn hoofd leeg maken

In een compleet gewitte ruimte is Kavelaars begonnen aan zijn kunstwerk. Samen met Van den Heuvel zocht hij naar invulling voor de ruimte. Kavelaars: “Het staat in volledig contrast met de rest: Shelter is een strakke club en op deze manier laten we ook de ander kant zien.”

Tijdens het schilderen staat er elektronische muziek op. Zonder muziek kan hij niet werken: het repetitieve ritme helpt hem om in een bepaalde flow te komen. “Ik luister niet naar een boodschap of tekst, maar naar het gevoel dat gecommuniceerd wordt. Ik focus me op de herhaling en ga daar in mee, als een motor die doordraait creëert het werk zich eigenlijk vanzelf.”

Dat specifieke proces staat ook centraal in het werkt dat Kavelaars voor Shelter gaat maken. De verschillende kleuren en vormen op de muur kunnen gelezen worden als een abstract muziekstuk. Kavelaars: “Ik ben blij dat ik dit in Shelter kan doen. Het is een ontlading: ik kan me hier letterlijk opsluiten en mijn hoofd leeg maken. Het geeft me goede energie om dadelijk weer terug naar Shanghai te gaan.”

Nacht voor de Nacht 25 februari 2017 ShelterShelter doet mee aan Nacht voor de Nacht.
Bekijk hier het programma.

Merijn Kavelaars. Foto Raymond van Mil


Nacht voor de Nacht Jeroen van Schie

Jeroen van Schie

Jeroen van Schie

De nacht is zijn jeugdelixer

Een clubavond heeft normaal gesproken een voorspelbaar verloop: een dj draait een set, er wordt op gedanst, na afloop dient de volgende dj zich aan en vervolgens herhaalt het hele ritueel zich opnieuw. De Melkweg gaat het tijdens Nacht voor de Nacht iets anders aanpakken en roept daarvoor de hulp in van ‘conceptenmakelaar’ Jeroen van Schie. Stichting N8BM A’DAM spreekt met de Delftenaar over zijn plannen.

De Conceptenmakelaar is de officieuze functie van Jeroen van Schie (43) en tevens de naam van zijn productiebedrijf waarmee hij platenlabels, clubs, poppodia en organisaties ondersteunt in de programmering, (pre-)productie en promotie van evenementen. Al meer dan vijftien jaar is Van Schie actief in de evenementenindustrie en voorlopig is hij nog niet van plan om uit ’t wereldje te stappen. De nacht is een onuitputtelijke bron van energie, vertelt hij. “Ik ben zelf niet meer de jongste, maar op een of andere manier houdt de nacht mij jong. Ik ben verknocht geraakt aan de elektronische muziek en met evenementen mensen samenbrengen, zodat ze even uit de dagelijkse sleur kunnen stappen. Voor mij is dat ook ontspanning en mijn drive voor de dingen die ik doe.”

Van Schie mag het gerenommeerde Melkweg tot een van zijn opdrachtgevers rekenen. Samen werkten ze ondermeer aan labelavonden van Global Underground (Olivier Schories) en Bedrock (John Digweed). “Met Melkweg samenwerken is altijd supertof. Het is een leuk team en er heerst een goede energie. En het is natuurlijk een mooi podium om mee samen te mogen werken.”

Tijdens Nacht voor de Nacht presenteert de Melkweg de eerste editie van Layers: een nieuw elektronisch concept uit de koker van Van Schie, waarbij een artiest wordt uitgenodigd die volgens eigen inspiratie de avond mag vormgeven. De artiest krijgt niet alleen meer tijd voor zijn set (vier uur), maar mag ook zijn eigen supportact kiezen. Daarnaast zal elke hoofdact worden geportretteerd zodat de bezoeker de achtergrond, drijfveren en persoonlijkheid achter de artiest beter leert kennen kennen. Van Schie: “We hopen dat de afstand tussen de artiest en het publiek kleiner wordt.”

Het plan is om elk kwartaal een nieuwe editie te organiseren. De serie wordt afgetrapt door het Duitse technoduo Monkey Safari. Zij nemen voor deze gelegenheid dj’s Karl Friedrich en Avidus mee, die beiden getekend zijn bij Money Safari’s label Hommage.

Tien minuten durend experiment
Journalist en zelfbenoemd ‘night life reporter’ Mick Boskamp wordt ingeschakeld om zich te verdiepen in Monkey Safari. Boskamp zal tussen de openings-dj’s en hoofdact een column voordragen waarin hij de avond en Monkey Safari introduceert. Van Schie: “Het is anders dan bij een MC; het wordt echt een mooi voorbereid stuk. We willen het publiek iets meer meegeven dan dat zij normaal gesproken tijdens een clubavond krijgen.”

De avond onderbreken voor een tien minuten durende introductie is een gedurfd experiment, maar Van Schie heeft er vertrouwen in. “Ik vind het wel interessant: hoe reageert het publiek op Mick Boskamp die opkomt en hun aandacht vraagt voor een inhoudelijk en mooi verhaal over Monkey Safari? Ik denk dat het een toegevoegde waarde kan zijn.”

Wanneer het concept aanslaat en er meer budget vrijkomt, wil Van Schie ook korte documentaires opnemen, waarin de artiest een dag lang wordt gevolgd. Deze zal tijdens de avond en in aanloop naar het evenement worden vertoond. “Dat doet de naam Layers ook eer aan: je bent veel meer gelaagd met de dj bezig. Je laat wat zien van zijn omgeving, hij komt aan het woord en kan meer kwijt.”

Nacht voor de Nacht 25 februari 2017 Melkweg

 

Melkweg doet mee aan Nacht voor de Nacht.
Bekijk hier het programma.

Jeroen van Schie. Foto Raymond van Mil


Sliptongue

Sliptongue

Beeldmakers in de breedste zin van het woord

Joey en Lo Andela zijn broers, groeiden uit tot elkaars beste vrienden en werken samen als beeldmakers. Samen met Peter te Bos bedachten ze productiebedrijf Sliptongue en maakten ze werk voor partijen als Lowlands, Chicago Social Club en Chin Chin Club. Bij laatstgenoemde mogen ze weer aan de slag voor Nacht voor de Nacht. Joey: “We gaan die karaokekamer als ons canvas invullen.”

Hoe groot is die ruimte eigenlijk en wat moet ik me bij jullie plannen voorstellen?
“De karaokezaal van de Chin Chin Club is zo vijf bij vier meter en de muren eromheen mogen we naar eigen hand zetten. Ik denk dat we met fotografie gaan werken, zoals print. Er komen vooral dingen te hangen, maar misschien gaan we er ook wel wat op projecteren.”

Wat is de rolverdeling binnen Sliptongue?
“Ik ben grafisch ontwerper, Lo fotografeert en Peter ontwerpt. We noemen onszelf voor het gemak ook wel beeldmakers. We kennen Peter als huisvriend. Ik heb geen idee meer wanneer we hem precies leerden kennen, hij was er gewoon opeens, haha!”

Hoe was de verstandshouding tussen jou en en Lo in jullie kindertijd?
“Die is eigenlijk altijd heel goed geweest. We schelen zeven jaar; toen hij uit huis ging was ik twaalf. Hij is nu mijn beste vriend geworden, we hebben laatste een heel mooie reis door Japan gemaakt.”

“We laten in onze zines gewoon beeld zien, dat is het allervetste om te doen”

Wat was er zo mooi?
“Het is ongelooflijk hoe mensen daar over dingen nadenken, ook over bijvoorbeeld de nachtcultuur. Het contrast tussen de dag en nacht is gigantisch: overdag lopen mensen er heel keurig bij en houden ze zich echt aan de grenzen. ’s Nachts verdwijnen die totaal en gaan ze helemaal los. Lo heeft gigantisch veel foto’s gemaakt die heel mooi zijn om te zien.”

Kun je hem weleens achter het behang plakken?
“Dat valt mee, haha! Al van jongs af aan tekenen we en zijn we met kunst bezig. We zijn echt met creativiteit grootgebracht en we vullen elkaar heel goed aan.”

Op welk project ben je het trotst?
“We hebben vorig jaar een campagne voor de Chicago Social Club gemaakt die toen door de hele stad hing. Het was heel tof om samen achter beeld aan te gaan, polaroids te maken en typografie erbij te bedenken. Wat we de laatste tijd ook veel maken zijn magazines. Ze hebben niet per se een inhoud, het gaat voornamelijk om het beeld. Die zines zijn puur voor onszelf. Het fijne hiervan is dat je uit het niets kan beginnen; je hoeft niet per se een bepaalde opdracht te hebben. We laten gewoon beeld zien, dat is het allervetste om te doen.”

“Ik heb het idee dat je als Amsterdammer wat arroganter ingesteld bent; je hebt iets snel gezien en wil wat meer geprikkeld worden”

Wat vind je van het Amsterdamse nachtleven?
“Ik denk dat je in Amsterdam precies kan vinden wat je wil. Het Amsterdam Dance Event vind ik superhard. Dat het zo bekend is, zegt wel wat. Ik vind wat de Chin Chin Club heeft neergezet ook vet, da’s mijn nieuwe cluppie.”

Waar was je daarvoor veel te vinden?
“De Chicago Social Club was een paar jaar geleden supervet en voelde echt als een soort clubhuis. Dat veranderde, al weet ik niet precies waarom. Ik heb het idee dat je als Amsterdammer wat arroganter ingesteld bent; je gaat minder snel opzoek, je wil wat meer geprikkeld worden, je hebt iets snel gezien. Wat de Chin Chin Club nu allemaal doet maakt me heel tevreden.”

Denk je dat er iets beter kan in het nachtleven?
“Ik heb zo mijn twijfels bij die 24-uursvergunningen. Volgens mij gebeurt dat niet echt op de manier zoals het toen bedacht is. Als Amsterdam zich wil profileren als internationale stad, dan zijn er op uitgaansgebied nog meer mogelijkheden. Ik ben zelf niet zo’n nachtbraker die tot het licht wordt wil feesten, maar het lijkt me vet als de stad hier nog veel meer mee doet.”

Nacht voor de Nacht Chin Chin Club

 

Chin Chin Club doet mee aan Nacht voor de Nacht.
Bekijk hier het programma.

vlnr: Peter te Bos, Lo en Joey Andela. Foto Raymond van Mil


Nacht voor de Nacht Twann Rijven

Twann Rijven

Twann Rijven

Brengers van live art in Bitterzoet

Hij bracht een aantal jaar door aan de kunstacademie, maar was naar eigen zeggen te eigenwijs om die af te ronden. Twann Rijven begon na die tijd zijn eigen muzieklabel SuperCharger Records en had een paar losse baantjes, maar keer op keer kwam hij weer terug bij ontwerpen en kunst. De Amsterdammer vond daar uiteindelijk zijn plaats en werkte aan projecten voor onder meer McDonald’s en Heineken, “maar mijn hart maakt pas echt een sprong bij vrij werk”, vertelt Twann. “Vooral bij illustratieve dingen: het komt uiteindelijk toch weer neer op die kid die schetst in zijn blocnootje, haha!” Samen met zijn broer Tim Chezko gaat hij tijdens Nacht voor de Nacht aan de slag bij Bitterzoet, dus we zaten met Twann aan tafel om hem hierover uit te horen.

Wat doe je momenteel, commerciële projecten of ben je vooral bezig met vrij werk?
“Op dit moment design ik vooral voor grote klanten. Dit houdt mij creatief scherp en financieel onafhankelijk genoeg om vrij werk te kunnen maken en kritisch te zijn op freelance-opdrachten die mijn kant op komen. Ik ben zo dankbaar dat ik zo divers werk kan en mag maken. Het is ook echt cool om je artwork in een bushokje te zien hangen.”

Op welk project ben je het trotst?
“Dat vind ik lastig. Een aantal jaar geleden maakte ik dat artwork voor het feest I Love Vinyl, waar uitsluitend met vinyl de vetste tracks en stijlen aan elkaar werden gedraaid. In die serie zitten een paar van mijn favoriete designs waar ik zowel mijn tekenskills als designinzicht kwijt kon. Shout out naar Rob Manga, Mr. Mendel en Illco!”

“In de zomer heb je genoeg festivals om uit te kiezen en ook de restaurant-game is echt on point”

Wat zou je nog altijd willen doen?
“Ik wil komend jaar meer eigen werk maken en het liefst een toffe expo organiseren. Het lijkt me heel dope om wat meer voor de muziekscene hier te ontwerpen. Er gebeurt zoveel: Amsterdam barst van het talent op dj- en productiegebied. Het hardst is als je samen echt een serie neer kan zetten. Omdat ik ook veel met muziek heb gedaan, lijkt mij het ultieme project iets waar ik kunst, design, schrijven en muziek op een unieke manier kan combineren. Dat is echt het einddoel, haha!”

Goed om te horen dat je zo positief bent over het talent in de stad! Wat vind je van het nachtleven?
“Die is heel bruisend, dynamisch en divers. Er zijn elke week wel fantastische shows, gruwelijke feesten en nieuwe spots met ruime openingstijden te ontdekken. In de zomer heb je genoeg festivals om uit te kiezen en ook de restaurant-game is echt on point.”

“Dat rafelige randje van broedplekken als Ruigoord en NDSM is van essentieel belang voor de identiteit van Amsterdam”

Is er ook iets wat beter kan?
“Feesten mogen wat meer focussen op kwaliteit in plaats van kwantiteit. Originele concepten zijn vaak ver te zoeken; clubs spelen op safe. Dat is op de lange termijn voor niemand goed. Ik heb ook het gevoel dat het nachtleven veel terrein verliest op voormalige broedplekken als Westergas, Ruigoord en NDSM. Dat rafelige randje is van essentieel belang voor de identiteit van Amsterdam.”

Tijdens Nacht voor de Nacht ga je aan de slag voor Bitterzoet met Tim. Wat zijn jullie plannen?
“Samen maken we live art tijdens het feest JIGGY. Tim is een supergetalenteerde kunstenaar die mij door en door kent. We voelen elkaar goed aan en delen veel geschiedenis en interesses; daarom werken we vaak samen. Ik bewonder zijn werk enorm en als we live art doen, vullen we elkaar aan zonder veel woorden.”

Heb je al eerder werk gemaakt voor Bitterzoet?
“Ja, de afgelopen jaren deden we er vaker live art. Meestal met stift op de spiegels tijdens Break Ya Neck bijvoorbeeld. In de periode van 2006 tot 2009 gaf ik daar zelf het feest 15 MINUTES samen met Seven. Veel van mijn vroege flyers waren voor de club; ik ken Bitterzoet sinds het begin.”

Nacht voor de Nacht - Bitterzoet

 

Bitterzoet doet mee aan Nacht voor de Nacht.
Bekijk hier het programma.

Twann Rijven. Foto Raymond van Mil